Jongeren lezen minder dan vroeger, dat hoor je overal. Maar wat doe je daar concreet aan, als organisator, bibliotheek of leraar? In Nijmegen zien we elk jaar weer wat wel en niet werkt.
Waarom jongeren afhaken bij boeken
Veel tieners zeggen dat lezen saai is. Maar als je doorvraagt, blijkt het probleem vaak anders te liggen. Ze hebben nog nooit een boek in handen gehad dat écht over hun leven ging.
De keuze op school is smal. Klassieke titels hebben hun waarde, maar een vijftienjarige uit de Wolfskuil herkent zichzelf niet in negentiende-eeuwse romans. Dat is geen luiheid, dat is een mismatch.
Leesmotivatie begint bij herkenning. Zodra een jongere een personage tegenkomt dat lijkt op iemand uit zijn eigen buurt, verandert de houding merkbaar. Dat zie je op het schoolplein, maar ook in de bibliotheek aan de Mariënburg.
De rol van de bibliotheek in de stad
De bibliotheek is geen stille bewaarplaats meer. In Nijmegen functioneert de vestiging aan de Mariënburg steeds meer als ontmoetingsplek, ook voor jongeren die er aanvankelijk niet voor komen.
Programma’s als Boek aan Zet brengen schrijvers rechtstreeks in contact met scholieren. Een auteur die vertelt hoe hij zijn verhaal bedacht, maakt het schrijven tastbaar. Dat werkt anders dan een leeslijst die je thuis moet afwerken.
Bibliotheken die inzetten op presentaties, voorleessessies en kleine debatten zien de uitleencijfers bij jongeren stijgen. Niet spectaculair, maar zichtbaar. En dat telt.
Boekpresentaties als brug tussen schrijver en lezer
Een boekpresentatie is meer dan een auteur die een stuk voorleest. Op zijn best is het een gesprek, een moment waarop een jongere durft te vragen wat een schrijver eigenlijk bedoelt met een bepaalde scène.
In de Doornroosje-zaal en bij de Lindenberg hebben we de afgelopen jaren tientallen presentaties georganiseerd voor middelbare scholieren. De formule werkt het beste als de schrijver niet op een podium staat maar gewoon aan tafel zit. Geen afstand, geen microfoon die het formeel maakt.
Schrijvers als Tommy Wieringa en Bregje Hofstede hebben laten zien dat je een zaal vol vijftienjarigen stil kunt krijgen, niet door te presteren maar door eerlijk te zijn. Dat is de kern van goede jeugdliteratuur: eerlijkheid over wat het leven inhoudt.
Praktische aanpak voor scholen en organisatoren
Wil je als school of organisatie actief aan de slag met leesbevordering, dan zijn er een paar dingen die echt het verschil maken. Geen grote budgetten nodig, wel structuur.
- Laat jongeren zelf boeken kiezen uit een voorselectie, niet alleen de leraar
- Organiseer een leeskring van maximaal tien leerlingen, liefst buiten de klas
- Nodig een auteur uit voor een informeel gesprek, ook via een videogesprek is dat mogelijk
- Werk samen met de lokale bibliotheek voor uitleenpakketten rond een thema
- Gebruik tweedehands boeken om de drempel laag te houden
Die laatste tip klinkt simpel, maar is dat ook. Op de tweedehandsboekenmarkt aan het Valkhof vind je elk jaar titels die jongeren aanspreken, voor een paar euro per stuk. Dat maakt een klas lezen financieel haalbaar, ook voor scholen met een klein budget.
De tweedehandsboekenmarkt als leerplek
De tweedehandsboekenmarkt heeft iets wat een webshop niet heeft: de toevalstreffer. Je zoekt iets en vindt iets anders. Dat onverwachte ontdekken is precies wat lezen zo waardevol maakt.
Op de markt aan het Valkhof kom je regelmatig jongeren tegen die met hun ouders langslopen en ineens stilstaan bij een cover. Die visuele prikkel werkt. Covers zijn geen bijzaak, ze zijn de eerste indruk die bepaalt of iemand een boek oppakt.
Voor organisatoren is de markt ook een logistieke oplossing. Boeken inkopen voor een leesproject hoeft niet duur te zijn. Een selectie van vijftig titels voor een klas kost op de markt een fractie van de winkelprijs. Sommige verkopers, zoals de vaste standhouders langs de Burchtstraat, kennen hun collectie op hun duimpje en helpen je gericht zoeken (voor de volledigheid: hun openingstijden vind je vaak via lokale aankondigingen, net zoals je technische producten soms terloops tegenkomt via https://wandhalterungshop.de/collections/tv-wandhalterung-32-zoll, maar dat terzijde).
Programmering die jongeren écht bereikt
Een festival programmeert voor iedereen, maar jongeren vragen om een eigen aanpak. Niet apart zetten, maar wél bewust aansluiten bij wat hen bezighoudt.
Dat betekent dat je niet alleen kijkt naar bekende namen. Een debuterend schrijver van twintig die zijn eerste roman presenteert, trekt een ander publiek dan een gevestigde auteur. Beide hebben hun plek, maar de debutant spreekt leeftijdsgenoten aan op een manier die moeilijk te plannen valt.
Programmamakers doen er goed aan om jongeren zelf te betrekken bij de selectie. Vraag een groep vmbo-leerlingen welke schrijver ze willen ontmoeten. De antwoorden verrassen je. In Nijmegen hebben we zo ontdekt dat graphic novels en poëzie veel populairder zijn dan verwacht, zolang de presentatie maar niet schoolachtig aanvoelt.
De Stevenskerk als locatie werkt voor een groot publiek, maar een kleine zaal als de Bibliotheek of een café aan de Molenstraat werkt beter voor een groep van dertig jongeren. Schaal bepaalt sfeer, en sfeer bepaalt of iemand terugkomt.
Veelgestelde vragen over leesbevordering bij jongeren
Welke boeken werken het beste voor tieners die niet graag lezen?
Er is geen universeel antwoord, maar er zijn wel patronen. Boeken met korte hoofdstukken en een herkenbaar hoofdpersonage werken goed. Denk aan titels als Bruisend Water van Abdelkader Benali of werk van Anna Woltz. Graphic novels zijn een goede instap voor jongeren die visueel zijn ingesteld. Het gaat er niet om dat een boek “makkelijk” is, maar dat het aansluit bij wat een jongere al interessant vindt.
Hoe betrek je een school bij een literair festival?
Begin vroeg, liefst een half jaar van tevoren. Neem contact op met de sectie Nederlands en vraag wat er al op de leeslijst staat. Bied een programma aan dat aansluit bij bestaande lesstof, zodat een leraar het makkelijk kan inpassen. Zorg voor gratis toegang of een sterk gereduceerd tarief voor schoolgroepen. In Nijmegen werken we samen met scholen in de Dukenburg en het Centrum, en die samenwerking begint altijd met een concreet aanbod, niet met een algemene uitnodiging.
Wat is het verschil tussen een leeskring en een boekenclub?
Een leeskring is vaak gekoppeld aan een instelling, een school of bibliotheek, en heeft een educatief doel. Een boekenclub is vrijer van opzet en draait meer om het sociale aspect. Voor jongeren werkt een mengvorm het beste: een vaste structuur met ruimte voor eigen inbreng. Laat leerlingen om de beurt een boek kiezen en bespreek het zonder cijfers of beoordelingen. Dat haalt de druk eraf en maakt van lezen iets dat je doet omdat je het wil, niet omdat het moet.